“Er was veel boosheid, maar ook veel liefde. Het werd duidelijk dat ze allemaal zochten naar verbinding."

Elkaar terugvinden

“Het is zo helpend dat Eigen Kracht-coördinatoren zich niet laten meezuigen in ingewikkeldheden in families,” zei mijn collega deze week naar aanleiding van een bijeenkomst van een familie. Een man belde ons om te vragen of wij hem konden helpen om zijn familie bij elkaar te brengen. Hij vertelt: “We zijn een grote familie, vroeger heel hecht. Een van mijn broers kreeg een kind dat veel zorg nodig had. In het begin hielp iedereen. Maar het gedrag van de jongen werd steeds moeilijker en er kwam onenigheid over hoe met hem om te gaan. Langzaamaan raakten we verder van elkaar verwijderd, tot we elkaar op enig moment bijna niet meer zagen. Ieder leidde zijn eigen leven.”

Kwijtgeraakt 
“Natuurlijk hadden we er verdriet van, maar iedereen liet het zo. Totdat onze moeder erg achteruitging. We moesten met elkaar afstemmen en er moesten besluiten worden genomen. Iedereen wilde het zo goed mogelijk regelen voor haar, maar dat lukte niet zomaar omdat we elkaar waren kwijtgeraakt. Ik had geen idee hoe we samen een plan konden maken, daarom belde ik jullie.” Een coördinator ging eerst bij hem langs en daarna naar alle familieleden. Iedereen voelde hetzelfde belang: goede zorg voor de moeder. Dat hielp. “De coördinator oordeelde niet en stelde eigenlijk alleen vragen,” vervolgt de man. “Daardoor moesten wij nadenken wat we wilden en nodig hadden. Ze was ook helder wat ze wel en niet kon doen. Zij begeleidde het proces, maar verleende geen hulp.”

Sorry 
Voor hun moeder wilden alle broers en zussen komen, met partners en kinderen. In een eerste ronde spraken ze uit wat er volgens hen gebeurd was, de coördinator begeleidde dit proces. Zij vertelt: “Er was veel boosheid, maar ook veel liefde. Het werd duidelijk dat ze allemaal zochten naar verbinding. Toen iemand zei: ‘Sorry, ik heb dat toen echt niet goed aangepakt’, voelden anderen ruimte om ook te zeggen wat zij anders hadden moeten doen. Daarna konden ze met elkaar in besloten tijd nadenken wat er nodig was voor hun moeder. Ze maakten een plan voor de komende periode met ondersteuning voor haar, maar ook om hun onderlinge band te versterken door activiteiten met elkaar te doen. En ze spraken af om na zes weken weer samen te komen voor een volgende stap.”